Michiel
Princen

'Wat een fascinerend verhaal, wat een onthullend boek!' Peter R. de Vries 

**** Elsevier

Het Parool, 24 maart 2015

Oud-rechercheur schetst onthutsend beeld van recherchediensten
Recherchediensten die elkaar tegen-werken; informatie die voortdurend weglekt; een sfeer van middelmaat en landerigheid. Oud-journalist Michiel Princen werkte tien jaar voor de Amsterdamse recherche, vertrok ont-goocheld en schetst in een boek een onthutsend beeld van de opsporing.
 
Berekenende, slimme criminelen die zich níet steeds zelf in de kijker spelen, maken een heel goede kans onzichtbaar te blijven doordat de recherche zich van nature richt op haar 'usual suspects' en ingewikkelde zaken mijdt, stelt Princen in De gekooide recherche.

De politie bestaat uit 'talloze soeverein opererende deelafdelinkjes en koninkrijkjes' die dagelijks onderling strijd voeren over de vraag wie welke zaak moet doen. De ander, veelal.

Leidinggevenden sturen hun afdelingen en teams slap aan en evalueren niet, waardoor fouten steeds opnieuw worden gemaakt.

Als zijinstromer in de financiële recherche zag Princen hoe criminelen hun miljoenen via 'een ontmoedigend bord spaghetti van kruislingse geldstromen' de wereld over laten 'gieren'. De opsporingsdiensten moeten moeizaam in de weer met rechtshulpverzoeken aan buitenlandse overheden en vragen aan banken of, erger, (vage) trustkantoren. Princen: 'Het is een volstrekt ongelijke strijd. We sjokken te paard het flitsgeld achterna.'

Waardevol boek
Plaatsvervangend korpschef Ruud Bik van de Nationale Politie erkent veel van de door Princen geschetste problemen en noemt diens 'waardevolle' boek 'een constructieve bijdrage aan de verbetering van het recherchevak'. 'Het relaas sluit aan bij wat de politie zelf al signaleerde en aanpakte.'

Bik vindt Princens 'persoonlijke en indringende' boek overigens 'niet maatgevend voor de totale recherche'. 'Op tal van terreinen en plekken verricht de politie uitstekend opsporingswerk.'

Inhoudelijk leveren Princens bevindingen 'geen werkelijke verrassingen op'. 'Dat zijinstromers op weerstand stuiten binnen de van oudsher gesloten politiecultuur, is bekend,' stelt Bik. 'Bij de vorming van de Nationale Politie vormde het bereiken van een cultuuromslag, ook op dit punt, van meet af aan een wezenlijke ambitie. Ons korps boekt in dit opzicht gestaag vooruitgang.'

(Door: Paul Vugts)